Feeds:
Berichten
Reacties

Net als de meesten van jullie ben ik vandaag ook de vierde week van de ‘intelligente lockdown’ in gegaan. Het klinkt misschien stom, maar voor mij is er eigenlijk niet zo heel veel veranderd. Natuurlijk mis ik mijn sociale contacten, de vrijdagmiddag-borrel, contacten in de buurt, lekker met de fietsvrienden op toer, uit eten, dat soort dingen. Ik werkte natuurlijk al veel vanuit huis: dat is nu wat meer geworden. Interviewen doe ik niet meer fysiek, maar veel telefonisch. Of via Facetime of Skype. Dus ècht fysieke afspraken heb ik vrijwel niet meer.
De afgelopen twee weken heb ik twee video-interviews gedaan, met zo’n lange microfoonhengel: allemaal op afstand dus. Ik probeer verder ook zoveel mogelijk thuis te blijven. Ik doe twee, drie keer per week boodschappen, racefiets zoveel mogelijk alleen. Incidenteel met een sportmaatje, maar dan wel met in achtneming van de anderhalve meter. Zo goed als kwaad als dat dan lukt. En ik kan ook altijd op mijn balkon op de rollerbank fietsen (foto)

TV-kijken in z’n favoriete positie…

En ja, ik pas op mijn kleinzoon. Een paar keer per week. Dat klinkt tegenstrijdig bij de opvatting dat kleinkinderen beter even geen fysiek contact met opa’s en oma’s kunnen hebben, maar in ons geval is het even niet anders. Natuurlijk heb ik met mijn dochter en schoonzoon een risicoanalyse gemaakt. Want ik val met mijn 68 jaar in de risicogroep. Maar, los van het corona-virus zagen we elkaar toch al vrijwel iedere dag. Bovendien werken dochter èn schoonzoon beiden in cruciale beroepen. Dus ben ik –ook qua afstand met andere opa en oma’s- simpelweg de enige optie. Ik heb Julian uit proberen te leggen wat corona is: “Een erge griep en je kunt door hoesten en niezen andere mensen ziek maken. Dus we kunnen beter even niet knuffelen en kusjes geven. Kushandjes zijn voor nu ook even goed”.
We wassen wel tig keer per dag onze handen met desinfecterende zeep, in mijn hal staat op een sidetable een fles desinfecterende gel: iedereen die hier binnenkomt, maakt daar eerst z’n handen mee schoon. En ja, opa is wel oud, maar nog niet zó oud, dat er gevaar dreigt.

Fietsen op de rollerbank op het balkon

Je moet het een kind van 4.5 toch een beetje begrijpelijk uitleggen! Maar, Juul snapt het. Zegt hij. Hij heeft het er moeilijk mee dat-ie niet zo vaak kan knuffelen. Het is toch al zo’n knuffelkont. Dus hebben we de ‘beenknuffel’ uitgevonden. Knuffelen kan, maar dan pak je maar mijn been beet! Dat vind-ie fijn.

Verder werk ik veel. Maak momenteel veel verhalen voor het Eindhovens Dagblad, al dan niet corona-relateert. En dat is fijn, want hockeyclub Oranje-Rood bijvoorbeeld, heeft mijn werkzaamheden voor OranjeRoodTV even ‘on hold’ gezet. Geen probleem: ik snap dat. En zo is het ook met een aantal andere klussen, die voorlopig even niet doorgaan. In die zin heb ik de mazzel dat ik met AOW en pensioenuitkering in elk geval mijn vaste lasten kan betalen. Dus, lief hoor, maar over mij hoef je je ècht geen zorgen te maken. Ik ben gezond en probeer dat te blijven. Door goed en gezond te eten, door veel te sporten (drie keer per week de racefiets op), ik slaap goed en heb m’n hygiëne wat aangescherpt. En laat op gezette tijden wat alcohol door het bloed gieren. In de hoop dat ook dát een beetje helpt.

Juul speelt, kleurt, kijkt tv. Ik werk. gaat prima!!

Natuurlijk maak ik mij zorgen! Om mijn kleinkind, kinderen, schoonzoon, schoondochter, broer, zus, andere familie, vrienden, vriendinnen, alle lieve mensen in mijn sociale kring. Maar, we gaan straks zeker dat gezellige drankje op het terras weer drinken. En ja, alle uitgestelde etentjes (sushi!!) gaan we inhalen. Dat beloof ik. Ik vrees alleen dat dat nog wel enige tijd gaat duren. Mijn vakantietripjes naar Alicante en Sitges in april en mei zijn al geannuleerd; ook Ibiza half juni gaat er waarschijnlijk aan. Het zij zo. Ik heb zelfs nu al bedenkingen of mijn geboekte trip naar Los Angeles eind oktober wel kan doorgaan. Ik ben altijd een optimist en denk graag in oplossingen, niet in problemen. Maar iets in mij zegt dat we hier voorlopig nog niet van af zijn.

 

Persconferentie Ajax in hotel Duinoord in 1968
(Foto: Cor Out/ANP)

Ik heb er in mijn blog bij het overlijden van Johan Cruyff in 2016 al eens over geschreven. Mijn eerste persconferentie was in 1968. Ik was 17 jaar en zat op de MULO in Wassenaar en hield mij daar onder meer bezig met de schoolkrant. Ajax zou voorafgaande aan een belangrijke Europa Cup-wedstrijd tegen het Turkse Fenerbahce enkele dagen een trainingskamp beleggen in hotel Duinoord in Wassenaar. En trainen op de velden van Blauw Zwart, waar ik destijds voetbalde. Duinoord lag tussen Wassenaar en het strand de Wassenaarseslag waar ik zomers heel wat uren ben geweest. Maar ín Duinoord was ik nog nooit geweest. Ik meende aanvankelijk dat het om een trainingskamp van het Nederlands elftal ging. Maar het betrof dus Ajax. Via-via kwam ik er achter dat er ook een persconferentie was: dát was een mooi onderwerp voor de schoolkrant, meende ik. In die tijd hoefde je daarvoor nog niet vooraf te accrediteren; je kon er zó binnenlopen. Wat ik op die gedenkwaardige dag in november 1968 dan ook deed. Daar stond ik dan, als verslaggevertje van de schoolkrant van de Wassenaarse Willibrordus MULO. Temidden van bekende sportjournalisten als Kees Jansma en Koen Verhoef. En Jan de Deugd van de Telegraaf. Die stonden allemaal in een grote kring -zie foto- om Ajax-trainer Rinus Michels heen.

De spelers zaten te kaarten maar waren gemakkelijk aanspreekbaar (foto: Cor Out/ANP)

De spelers waren gemakkelijk aanspreekbaar. Ze zaten te kaarten, maar je kon ze van alles vragen. Geen idee meer wat ik toen vroeg. Ik was volgens mij nogal onder de indruk van alles wat ik daar zag en meemaakte. Ik was tenslotte nog nooit op een persconferentie geweest. Al die bekende voetballers, die ik tot op de dag van toen alleen maar op televisie had gezien! En dan ook nog gewoon iets aan Johan Cruyff kunnen vragen! Jammer dat ik er geen foto’s van heb. Bijgaande zwart-wit foto’s heb ik op internet gevonden: meer is er niet te vinden. De schoolkrant van destijds heb ik ook niet meer, want ik heb er destijds wel een verhaaltje over gemaakt. Over mijn eerste persconferentie. Er zouden er later nog zóveel volgen!

Na 52 jaar weer terug in Hotel Duinoord in Wassenaar… (eigen foto)

Dit hele verhaal kwam vanmorgen weer naar boven, nu ik -52 jaar later- dit (carnavals) weekend weer terug ben in Hotel Duinoord. De bedoeling was om deze zondag na het ontbijt lekker een stuk te gaan fietsen in de duinen rondom Wassenaar. Richting Hoek van Holland. Of Zandvoort. Met een beetje tegenwind had ik al rekening gehouden. En met een spatje regen ook. Daar kun je je tegen kleden. Maar de storm, windkracht 9 en bakken regen maken het zelfs gevaarlijk om op de racefiets te stappen. Dus ik zit lekker binnen met een kop koffie deze blog te typen. Over mijn herinneringen aan Hotel Duinoord in Wassenaar.

Fietsen. Ik ben er het laatste jaar verslingerd aan geraakt. En dat terwijl ik in mijn actieve sportjournalistieke carrière helemaal níets om wielrennen gaf. Ferry de Groot, destijds chef-sport van NOS Langs de Lijn, heeft mij wel eens gepolst of ik geen zin had om als verslaggever naar de Tour te gaan. Ik heb vriendelijk voor de eer bedankt. Soms interviewde ik wel eens wielrenners, zoals Hennie Kuiper in het begin van de jaren 80 (foto), toen ik bij Omroep Brabant werkte. Ik had in die tijd zelf ook wel een racefiets. Een mooie witte met van die blauwe letters “Batavus” er op. Jammer dat ik daar geen foto van heb! Maar, het fietsen ging met hangen er wurgen. Hardlopen was veel leuker. Je deed mij een veel groter plezier met een duurloop van 20 kilometer dan met 40 of 50 kilometer fietsen. Totdat een jaar of twee geleden mijn rechterknie wel erg veel sporen van artrose vertoonde en Wart Van Zoest, clubarts van PSV en orthopeed van het Sint Annaziekenhuis, mij adviseerde niet meer te gaan hardlopen. Beter was te gaan zwemmen. Of fietsen. Maar dat voelde als kiezen tussen twee waardeloze alternatieven. Zwemmen vind ik hé-le-maal niks, dus dan maar fietsen. Begin vorig jaar kocht ik mijn Trek, prima tweedehands fietske, waar ik in no-time flink wat ritten op maakte. En ik begon het zowaar leuk te vinden. Begin van dit jaar heb ik zelfs een èchte Bianchi gekocht, de ‘Audi’ onder de racefietsen. En ik draai inmiddels zonder enige moeite zo’n 150 tot 200 kilometer per week. En als ik in het buitenland ben (Spanje, Amerika) huur ik steevast een goeie fiets. Om ook daar de nodige kilometers te maken. Bijkomend voordeel is dat je dan erg veel ziet! En in de winter pak ik m’n mountainbike. Lekker de bossen in. Of op het harde zandstrand van Scheveningen naar Wassenaar, van Noordwijk naar Zandvoort. Even terug naar m’n roots! Ik ben een duursporter, dat is wel duidelijk: hardlopen, schaatsen, wielrennen. Hoe langer, hoe beter, hoe gekker!

Ik hou van legendarische, iconische wielershirts. Het roemruchte PDM-shirt bijvoorbeeld, of dat mooie rose Giro d’Italie-shirt met de naam van de sportkrant Gazetta dello Sport op de voorkant. Veel mooier dan het Tour-geel of het Vuelta-rood! Ik heb ook het DAF Trucks/Cote d’Or-shirt. Een replica van het shirt dat Hennie Kuiper droeg, toen ik hem in 1980 interviewde. En deze week kreeg ik het haast legendarische Televizier/Batavus-shirt uit 1965 binnen. Het shirt van de eerste commerciele wielerploeg van ons land. Een Brabantse rebellenclub onder leiding van ploegleider Kees Pellenaars. Met renners als Jo de Roo, Piet van Est, Henk Nijdam, Evert Dolman en Gerben Karstens. De Tour de France schakelde in 1961 over van landenploegen naar commerciele ploegen. Televizier was een onafhankelijk blad, dat tegen de zin van de omroepverenigingen in alle programmagegevens publiceerde. Daarom weigerde de omroepen op radio en tv aandacht aan de profploeg te besteden. Toen de AVRO later het blad overnam en ook z’n actualiteitenrubriek Televizier noemde, kwam alles toch nog goed. Op zondag 14 juli zond de NPO in ‘Andere Tijden Sport’ een documentaire uit over de ploeg van Kees Pellenaars. Wellicht kun je die via Uitzending Gemist nog terugkijken. Het was voor mij reden om op zoek te gaan naar een replica van dat shirt. En die had ik vrij snel gevonden. Hebbes! (Voor de liefhebber: AliExpress, 12 euro!)

 

 

 

Dik 10 jaar geleden, in 2008, hadden Jan Hendrix (’n oude jeugdvriend) en ik een -naar later bleek- gouden idee: Classics Dance Night! Stappen zoals je vroeger in de 70’s en 80’s deed. Opnieuw met je vrienden van toen op stap, opnieuw met dat vriendinnetje van toen onder de spiegelbol op de verlichte dansvloer! Wij brachten het gevoel van *Saturday Night Fever* terug, met alle discohits uit de 70’s en 80’s. Hendrix had een bedrijf in licht en geluid, ik was met Jansen Media & Events handig in publiciteit, design, website en ticketing. Dat was een mooie combinatie. En we draaiden beiden als DJ! Want dat deden we vroeger in de 70’s en 80’s tenslotte ook.
  Classics Dance Night was een schot in de roos. Ik maakte een website, waar je meteen je tickets kon reserveren. En waar de ochtend na het event de party-pic’s al online stonden. Dat zorgde voor een geweldige band met onze achterban. Wat dat betreft waren we de tijd ver vooruit! We zochten in principe naar locaties waar je vroeger ook uitging: de Schouwburg in Cuyk, de Beurs in Sint-Oedenrode, Theater De Blauwe Kei in Veghel, De Pul Uden, Vivaldi Zalencentrum OssCC de Pas Heesch, het Palazzo in Grave, de Orangerie in Den Bosch, Grandcafe de Wildeman in Eindhoven, locaties in Oirschot, Moergestel, Rosmalen, Gemert, Someren, Geldrop, Malden, Groesbeek, Gennep, Oisterwijk, Overasselt, Boxmeer, Venray, Bergeijk, Helmond. En we maakten met de zaaleigenaren slechts één afspraak: ‘jullie de tap, wij de deur’. Natuurlijk hadden we laten uitrekenen dat die inkomsten ongeveer parallel liepen. Los van het feit, dat we daar allebei met enorm veel lol aan het draaien gingen, was het ook zakelijk jarenlang een groot succes. We waren één van de eersten die zo’n event durfde neer te zetten. De meeste avonden waren al snel uitverkocht. We deden er in elke plaats twee: één in het voorjaar en één in het najaar.

Maar zoals met veel initiatieven destijds: #ClassicsDanceNight stierf een langzame, haast voorspelbare, dood. Bezoekers werden ouder en gingen niet meer zoveel uit. En er kwamen her en der meer soortgelijke feesten. De crisis in 2011 zal ook wel een rol gespeeld hebben. In 2012 hebben we voor het laatst een Classics Dance Night gedraaid. Vier jaar lang geweldige avonden gehad met pieken in het voor- en najaar. Ik had het voor geen goud willen missen!

Het jaar 2017 zal mijn boeken in gaan als het jaar waarin ik 65 jaar werd. Tuurlijk, da’s een mijlpaal. Je krijgt pensioenuitkering, je ontvangt AOW; da’s allemaal heel plezierig, want je hoeft er niets voor te doen. Maar met pensioen gaan? Nee joh! Ik blijf gewoon lekker werken. Dat heb ik het afgelopen jaar gedaan en dat blijf ik ook in 2018 doen. Achter de geraniums zitten is niets voor mij. Ik moet wel eerlijk toegeven dat het niet onplezierig voelt dat met die uitkeringen de druk er een beetje vanaf is.

Hawaii 2017

Hawaii 2017: Pipeline Beach

2017 was een fijn jaar. Privé en zakelijk. Jansen Media & Events behaalde prima jaarcijfers: de beste sinds 2010! Ik behoor gelukkig tot de categorie ZZP’ers met zoveel werk als ik zelf wil, en dat is prettig. Het stelt je in staat wat gemakkelijker je eigen tijd in te delen en ook andere dingen te doen. Genieten van mijn kleinzoon bijvoorbeeld, hij is mijn beste vriend ever! Genieten van familie, vrienden en vriendinnen, van popconcerten en dancefestivals, van gezellig drinken en eten in de heerlijke Eindhovense binnenstad. En mooie reizen te maken: van Ibiza tot Hawaii, van Flachau tot Guardamar en Malaga, ook in het nieuwe jaar staat er al weer van alles op de rol. Met carnaval naar Guardamar, in april naar New York en Philadelphia, van de zomer natuurlijk naar Ibiza en in oktober wil ik ook weer een mooie reis maken. Bali? Australie? Weer Miami? Of toch San Francisco? Ik twijfel nog waarheen. Bovendien heb ik halverwege 2017 het roer drastisch omgegooid qua voeding en sporten. Door toenemende artrose in mijn rechterknie is hardlopen helaas al weer even verleden tijd. Door een meer uitgebalanceerde voeding en frequente bezoeken aan de sportschool (een combinatie van cardio en krachttraining) ben ik het laatste half jaar toch maar mooi even 10 kilo afgevallen! En ik voel mij daar bijzonder goed bij.

M'n beste vriend ever!

Beste vriend ever!

Mijn motto voor 2018 staat voorop: gezond blijven en blijven genieten van fijne mensen en het leven. Lermoos, Guardamar, New York, Philadelphia, Ibiza: ook in 2018 ga ik weer wat meer van de wereld zien. Ook zal ik in het voorjaar mijn eerste boek afronden: de Top 40 van 040. Het is niet ondenkbaar dat daar nog meer uit voort vloeit. Er zijn wat ideeen over het schrijven van andere boeken. In 2018 zal blijken of die plannen straks ook heel concreet gaan worden! Maak er allemaal in het nieuwe jaar wat moois van. Dat probeer ik ook te doen!

Mooie dag vandaag: ik heb het gehaald: 65 jaar. 😉 Tot voor kort was 65 de pensioengerechtigde leeftijd, maar dankzij de laatste kabinetten Rutte moet ik daar dus nog even negen maanden bijtellen. Het zij zo.

Hahaha, zo gingen we vroeger in bad! Zal in 1953 of 1954 geweest zijn….

Ik snap ook wel, dat het anders allemaal niet meer te betalen is. Soms is de makkelijkste weg niet de beste weg. En korten op de AOW is ook al weer zowat. Er zijn genoeg mensen die het met hun beetje AOW en géén pensioenuitkering lastig zat hebben, dus om daar ook nog eens op te gaan korten? Ik kan er wel negen maanden op wachten. Gelukkig dat mijn vader in de pensioenverzekeringsbranche bij Nationale Nederlanden werkte en er al op jonge leeftijd op aandrong om dat voor straks goed te regelen. Maar ik had destijds weinig oog voor straks. Wie wel? Ik was 25! Daarom ben ik hem met terugwerkende kracht zeer dankbaar dat ik zijn advies destijds ter harte heb genomen. Dat kostte –zeker als ZZP’er- jarenlang maandelijks heel wat kruim. De premie was niet mals, maar vanaf deze maand gaat het Pensioenfonds Nederlandse Omroep uitkeren. Nu zijn zíj aan de beurt. En ik hoop echt van ganser harte dat ze er nog wel even aan vastzitten. En in december komt daar dus ook AOW bij.

Met terugwerkende kracht ben ik hem dankbaar voor zijn pensioenadvies!

Vijf-en-zestig jaar. Is dat oud? Toen ik zelf jong was, vond ik mensen van 65 wel oud, ja. Toen mijn vader in 1988 met pensioen ging was hij 60 en ik 35. Hij was in getal een oude(re) man, maar was nog heel vitaal. Tenniste volop, dronk zijn biertje en oude jenever en rookte z’n Caballero’s. Totdat hij een paar jaar ná zijn pensioen een hartaanval kreeg. Vanaf dat moment heb ik mijn vader langzaam aan een oude man zien worden. Geteisterd door de gevolgen van die hartaanval en later getekend door een steeds sterker wordende dementie. Maar hij werd toch maar mooi bijna 84!

Dus, ik ben nu 65. Dat is bijna 20 jaar van de leeftijd af, die mijn vader werd. En zíjn moeder, mijn oma, werd 95! Dat verschil is dertig jaar! Ik voel me soms echt nog 45, 50 jaar. Oké, er zijn vrijdagavonden dat ik me 28 voel en vervolgens zaterdagochtenden dat ik me 82 voel. Snap je? Maar dat ligt ook aan mijzelf. Soms wil de geest méér dan het lichaam aan kan. Dat merk ik natuurlijk wel en dat is denk ik ook het grootste probleem van mijn leeftijdsgroep. Maar 65 is voor mij vooral een getal. Ik ben gelukkig gezond, alhoewel de artrose in mijn rechterknie serieuze vormen aan het aannemen is. Het mij zo favoriete hardlopen heb er daarom al aan moeten geven. Maar ik wil wel in conditie blijven en dus mountainbike ik regelmatig, zwem af en toe en doe ik wekelijks wat inspanningen in de sportschool. Die knie, daar kunnen ze straks wel een keer wat aan doen. Als het zover is. Dat is dan ook de enige klacht. En: ik vóel me niet oud. In mijn optiek is iemand van 80 oud. Of van 90. Maar niet iemand van 65. Tenminste, zo voel ík dat.

In oktober naar Hawaii!

Ik ben van plan dat de komende jaren zo te houden: in conditie blijven, qua werk dingen doen die ik nog steeds de moeite waard vind. Genieten van mijn kinderen en van mijn kleinzoon Julian bijvoorbeeld. Ik wil hem zien opgroeien, zien voetballen of hockeyen (opa rijdt wel naar uitwedstrijden….) en daarnaast ga ik tijd vrij maken om met wat grote reizen nog een aantal mooie plekjes op de wereld te zien. In oktober ga ik naar Hawaii, voor 2018 staan Los Angeles, San Francisco en Las Vegas op het programma, een jaar later wil ik naar het noorden van Amerika, naar Seattle, Portland en Minneapolis. En op de bucketlist staan ook nog Philadelphia/Detroit/Chicago, Nieuw Zeeland, Japan en Argentinie. Jansen kan wat dat betreft nog wel even vooruit, ik hoop dat het mij gegeven is om die bucketlist jaar-na-jaar af te kunnen vinken. O ja, en ik mei ga ik natuurlijk gewoon naar Ibiza.

Bucketlist: Seattle in het noorden van de USA

En ik blijf natuurlijk werken. Dat is voor mij elke dag wat anders: elke dag andere mensen, elke dag ander nieuws, elke dag andere uitdagingen. Of dat nu PSVTV, OranjeRoodTV, het Eindhovens Dagblad, FRITS Magazine, Ziggo Sport of Eurosport is: ik vind het allemaal nog veel te leuk om ermee te stoppen. Nu maar hopen, dat ze mij ook nog leuk (en goed) genoeg vinden! 😉 Vooral dat tussen haakjes geldt natuurlijk. Belangrijk is voor mij ook het gevoel te hebben dat ze mij er graag bij hebben!

Vijf-en-zestig. Ik heb het de afgelopen week al in de laatste sneeuwresten van deze winter in Oostenrijk gevierd en ga het vandaag vieren met mijn kids, aanhang en kroost. Met een goed glas wijn, een lekkere hap en een hoop gezelligheid. Mooier kun je je 65e niet vieren, vind ik.

Altijd prima condities in Flachau

Altijd prima sneeuwcondities in Flachau

We komen al 27 jaar in Flachau, een niet al te groot wintersportplaatsje zo’n 60 kilometer onder Salzburg, vlak vóór de Tauerntunnel, waar doorheen de A10 nog zuidelijker voert.

Flachau is in die 28 jaar enorm gegroeid, niet in de laatste plaats door haar meest bekende inwoner, Hermann Maier, Herminator, de beste skier uit de jaren rond de eeuwwisseling. Maier was een marketinginstrument voor Flachau, dat normaal gesproken niet te betalen zou zijn geweest. De Hermann Maier Weltcupstrecke en de gelijknamige skischool, zijn anno 2017 nog tastbare herinneringen aan de man die tijdens de Olympische Winterspelen van Nagano zo spectaculair ten val kwam.

Goeie liftverbindingen naar top van de Griessenkar

Goede en snelle liftverbindingen naar top van de Griessenkar

Dat Flachau is inmiddels een beetje ons tweede thuis geworden. We kennen er de weg, we kennen er de mensen: Theo, Sepp en Gitte van de Hofstadl, Thomas van de Dampflessel, wat wij traditioneel ‘de burgemeester’ noemen, naar Thomas’ vader Hans Weitgasser, die jarenlang burgemeester van Flachau was. We kennen Mathilde en Peter Walchhofer, waar we doorgaans wonen en we kennen Ernst Brandstaetter, de baas van de liftmaatschappij. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Iedere keer als wij Flachau binnen rijden is het toch een beetje thuiskomen. Dan heb je meteen dat gevoel dat je op je plek bent.

Flachau heeft geen spectaculair skigebied, maar het is er wel fijn. De pisten op de berg De Griessenkar zijn overzichtelijk en altijd in goede sneeuwconditie, je vind er in een dag je weg en doe je wat moeite dan kun je vanuit Flachau ook naar de skigebieden Altenmarkt-Zauchensee en Wagrain/St. Johann. Soms heb je daar dan wel de bus voor nodig. Als ik echt wil toerskien ga ik het liefst naar Espace Killy in Tignes en Val d’Isere in Frankrijk. Maar in combinatie met gemutlichkeit zoek ik toch steeds weer Flachau op. Al 27 jaar.

img_2090

Links Julian, rechts Rayke, allebei anderhalf jaar oud! 😉

In 1990 was mijn dochter Rayke anderhalf jaar, toen ze voor het eerst meeging naar Flachau. Het was haar eerste kennismaking met sneeuw. Ze leerde er vervolgens skien en werd er in 2006 zelfs skilerares bij skischool Fun & Pro. Afgelopen week vierden wij de jaarwisseling van 2016 naar 2017 in Flachau. Met Marc, Rayke en haar zoontje Julian, die precies anderhalf jaar oud was. Zijn eerste kennismaking met sneeuw. Tot op heden is de cirkel rond. Benieuwd of hij de rest van zijn ski-leven ook het pad van zijn moeder volgt.