Feeds:
Berichten
Reacties

Het wordt een beetje traditie: op de laatste dag van het jaar in een korte blog even terugkijken. Nog even de twaalf maanden van dit jaar de revue laten passeren. Kort gezegd: 2015 was een prima jaar, zakelijk èn privé. Jansen Media & Events draaide prima jaarcijfers, de beste sinds 2010. Ik heb hockeyclub Oranje Zwart, Eurosport en het Eindhovens Dagblad als nieuwe opdrachtgevers binnengehaald; daar ben ik heel blij mee en tevreden over!

Bij Flying Dutch op Strijp-S in Eindhoven

Bij Flying Dutch op Strijp-S in Eindhoven

Privé was het een heel stabiel jaar: genoten van de liefde, fijne en gezellige dingen gedaan, waaronder het concert van Fleetwood Mac op 1 juni jl. in de Ziggodome en twee dagen daarvóór Flying Dutch in Eindhoven. Daarmee zijn meteen de twee muzikale hoogtepunten van het jaar genoemd.

Over muziek gesproken: in 2015 was het ook een mooi moment om een punt te zetten achter mijn dj-activiteiten. Het is mooi geweest. Ik vind het wel mooi om zelf het moment van stoppen te bepalen. Op 23 januari doe ik het nog één keer, voor familie, vrienden, vriendinnen en bekenden, maar dan is het toch echt ‘schluss’.

Mijn grote geluk uit 2015: JB!

Mijn grote geluk uit 2015: JB!

Ik ben twee keer lekker wezen skien, in Tignes en met mijn verjaardag in Flachau en deze zomer heb ik de vakantie maar een keer overgeslagen omdat het werk teveel tijd en aandacht vroeg! Die schade haal ik in 2016 wel weer in! 😉

Maar al het bovenstaande valt in het niet bij het grote geluk dat mij in 2015 overkwam: de geboorte van JB, Julian Benjamin, zoon van dochter Rayke en schoonzoon Marc, op 29 augustus. Uit verhalen wist ik dat het bijzonder is om opa te worden. Ik kon mij er op voorhand wel íets bij voorstellen, maar dat het mij zóveel zou doen, had ik niet voor mogelijk gehouden. Daarom is 2015 toch echt het jaar van die kleine grote vent van mij. Van JB!

eddy_dijk9

Laatste klusje bij Dijk9…

Het geweldige marathon-feestje bij Dijk9 was zondagavond het laatste klusje van mijn ‘alter ego’ Eddy Jones. Na zoveel jaren draaien vind ik het mooi geweest.

Het kost me fysiek steeds meer moeite; een uurtje draaien is oké, maar ik trek dat soort lange sessies van vier, vijf tot wel zes uur niet meer. Toen ik vanmorgen uit bed kwam wist ik het ook weer! Ik ben geen 18 meer, hè? En als ik draai, dan sta ik niet als een zoutzak achter de dj-booth. Dan doe ik mee, zo ben ik nou eenmaal!

Ik heb wel eens grappend gezegd dat ik wil voorkomen dat ze gaan vragen “of die oude grijze man achter de dj-booth weg kan”. Nou is dat gelukkig nog nooit gebeurd. Maar dat moment wil ik vóór zijn en ik wil graag zelf bepalen wanneer ik stop, voordat anderen dat voor mij doen. Gisteren vond ik een mooi moment. Ik speelde al langer met het idee. Draaien bij Dijk9 was de afgelopen vijf jaar één van de leukste klussen die er door het jaar heen waren. Eerder heb ik natuurlijk bijna acht jaar de 70’s-80’s party Classics Dance Night’s overal in Brabant gedraaid. En de laatste jaren af en toe bij de Wildeman, Playerz, de Gaper en Berlage achter de dj-booth gestaan. Na zo’n topfeestje als afgelopen zondag is het een goeie gelegenheid om zeggen dat het mooi is geweest. En dat is het ook geweest: kei-mooi! Jullie allemaal bedankt voor de support!

000_0016Het is vandaag precies 12 jaar geleden: 29 juli 2003. Het was een aanvankelijk gewone vakantiedag in Zuid-Frankrijk, eerst een beetje zonnen aan het zwembad op de camping, ’smiddags met de voetjes in het zand op het strand bij Frejus. Zo’n niets-aan-de-hand-dag eigenlijk.

In de verte waren rookwolken van een enkele bosbrand, maar wij maakten er ons geen zorgen over. Er kwamen echter steeds meer blusvliegtuigen die water hapten uit zee, wij vonden dat een fascinerend gezicht. Vliegtuigen die in een duikvlucht zeewater schepten om de branden te blussen. De massale rookwolken kwamen echter steeds dichterbij en zorgden in de loop van de middag voor een angstig gevoel. 000_0018

De weg naar de campings bleek afgesloten, we werden gedwongen om de auto langs de weg te parkeren. Het vuur van bosbranden naderde en bedreigde een aantal campings, 10.000 vakantiegangers werden nog savonds in aller ijl geëvacueerd. Ook onze camping wordt bedreigd. Ik doe met m’n mobiele telefoon verslag op Radio 1 en in het late NOS-Journaal op televisie. Ik ben tenslotte ongewild verslaggever in rampgebied en interview mensen die met caravan-en-al op de vlucht slaan voor het vuur. We slapen die nacht in de auto en in een vliegtuighangar op veldbedden. Smorgens vroeg zit ik weer in het Radio 1-Journaal.

Daags erna konden we terug naar de camping. Ik zie smeulende karkassen van tenten en caravans, verbrandde bomen, verschroeide aarde. Onze camping was er goed vanaf gekomen. Maar overal die penetrante brandlucht. Alsof het vuur elk moment weer kon oplaaien. Ik wilde maar één ding: weg! Het was m’n meest bizarre zomervakantie ooit!

000_0008

Verbrandde karkassen van tenten en caravans

000_0032

Verschroeide aarde langs de weg naar de campings

000_0007

Hier stonden tenten en caravans

000_0033

En overal die penetrante brandlucht!

Deze week waren er wéér bosbranden bij Frejus. Dat leverde een onprettig dejavu-gevoel op, na precies 12 jaar…

 

 

 

 

 

Van links naar rechts: John McVie, Stevie Nicks en Mick Fleetwood

Van links naar rechts: John McVie, Stevie Nicks en Mick Fleetwood

In 2007 kocht ik de DVD The Dance van Fleetwood Mac. Of, eerlijk gezegd, ik kopieerde hem van iemand. Voor thuisgebruik. Zelden heb ik zo genoten van dit door MTV geregistreerde concert. Vooral van de begeleiding van de USC Trojan Marching band op Tusk en Don’t Stop was geweldig. Op dát moment beloofde ik mijzelf dat ik Fleetwood Mac ooit nog eens live zou zien. Dat stond sindsdien hoog op m’n bucketlist. Het duurde bijna acht jaar. Maandag 1 juni 2015 was het zover, in de Ziggodome in Amsterdam.

Even een stukje muziekonderwijs: Fleetwood Mac is een Brits-Amerikaanse band, in 1967 aanvankelijk als bluesband opgericht. Mick Fleetwood, John McVie en Peter Green scoorden een aantal grote hits: Need Your Love So Bad, Albatross, Oh Well part 1 en Man Of The World.
Green stapte begin jaren zeventig uit de groep. Drummer Mick Fleetwood en bassist John McVie zijn tot de dag van vandaag de constante factor in de groep. De komst van de songwriters Christine McVie in 1970 en Stevie Nicks en Lindsey Buckingham in 1975 gaf de groep een enorme boost. Het album Rumours uit 1977 geldt als één van de best verkochte albums ter wereld. Ook hier kende het succes zijn keerzijde: de relationele problemen tussen John en Christine McVie en tussen Lindsey Buckingham en Stevie Nicks zorgden voor grote spanningen in de studio en legden meermalen een bom onder het voortbestaan van Fleetwood Mac. Mick Fleetwood ging persoonlijk failliet, Stevie Nicks ging bijna ten onder aan drugsverslaving en John McVie had een alcoholverslaving. Problemen overigens, die allemaal opgelost werden.

Mick Fleetwood

Mick Fleetwood

Het album The Dance in 1997 bracht de groep weer in de spotlights, mede door de al genoemde fraai geregistreerde MTV-opname. Christine McVie trok zich een jaar later terug uit de groep, door psychische problemen. Om overigens dit jaar weer terug te keren.

Anno 2015 stond Fleetwood Mac met On With The Show dus in de 1975-bezetting op het podium van de Ziggodome. Hun vermogen wordt geschat op 100 miljoen dollar. Per persoon. Christine McVie is na 17 jaar afwezigheid weer terug en is met haar 72 (!!) jaar de oudste van het stel, Lindsey Buckingham met z’n 66 jaar de jongste. Daar tussenin Mick Fleetwood (68), John McVie (70) en Stevie Nicks (68). Leeftijden die aan het optreden niet af te lezen waren. Alle topsongs van het succesvolle album Rumours kwamen in de ruim twee uur durende show voorbij.

Stevie Nicks en Lindsey Buckingham

Stevie Nicks en Lindsey Buckingham

Het geluid in de Ziggodome was geweldig, de zangpartijen van Nicks, Buckingham en McVie klonken vrijwel zoals ze ook vroeger klonken. Toch kon ik niet aan de indruk ontkomen dat er her en der een geluidsband ter ondersteuning meeliep. De blazerssectie die we hoorden op Tusk stond immers niet op het podium. En het geluid klonk meermalen net iets voller dan je van de instrumentale bezetting op het podium zou mogen verwachten.

Niettemin was de opbouw van het concert prima: na de opening met The Chain kwam You Make Loving Fun als tweede nummer en de andere nummers van Rumours (Dreams, Rhiannon, Everywhere, Little Lies, Go Your Own Way en Don’t Stop) afgewisseld met een enkel nummer van het album Tango In The Night. Vooral de twee psychedelisch klinkende nummers Gold Dusk Woman en I’m So Afraid maakten veel indruk. Dat geldt trouwens ook voor het door Buckingham akoestisch gezonden Big Love (met virtuoos gitaarspel) en voor World Turning, met een geweldige drumsolo van Mick Fleetwood. Het slotakkoord was voor Christine McVie; 72 jaar maar er is nog geen sleet op te bekennen. Swingend op haar keyboards en een nog glaszuivere stem. Zij sloot de avond af met Songbird.

Christine McVie (72)

Christine McVie (72)

Dit concert onderstreepte nog eens dat Fleetwood Mac tot een van de grootste bands aller tijden behoort en dat alle bijna 100 uitverkochte concerten van de wereldtournee On With The Show bewijzen dat er nog steeds veel belangstelling is voor de muziek van de band. Maar eerlijk gezegd moeten we ons ook afvragen hoelang de show nog on gaat. Want de leeftijden, lees: jaren, gaan nu natuurlijk wel een keertje tellen.

Concert: Fleetwood Mac On With The Show
Datum: maandag 1 juni 2015
Locatie: Ziggodome Amsterdam

Grappig dat een nauwelijks kleine discussie op Twitter kan leiden tot deze blog! Een collega van het ED had het op Twitter gisteren over het inlassen van een rookpauze. Ik meende dat het woord inlassen niet correct was en dat het zou moeten gaan om iets ingelasten. En twitterde dat terug. Maar daar zat ik dus fout. Inlassen betekent volgens het woordenboek ‘iets tussenvoegen’. Je kunt dus wel een rookpauze inlassen, maar nooit een sportwedstrijd aflassen. Veel gebruikt, maar niet correct. Een sportwedstrijd wordt afgelast.

In mijn beginjaren bij Omroep Brabant was er een oudere collega, Ab Klaassens, die maandelijks onze geschreven nieuwsberichten onder de loep nam en daar op zijn eigen –vaak humoristische wijze- commentaar bij gaf. Zo was er ooit een bericht dat de leiding van FC Den Bosch zich zorgen maakte over de leegloop van spelers. Waarop hij er gevat bij zette: ‘Hoezo? Hadden ze diarree dan?’ Juist nu ik zelf al vele jaren werkzaam ben in de journalistiek, stoor ik mij ook best vaak aan foutief en oneigenlijk taalgebruik. Het te pas en te onpas verkeerd gebruiken van de woorden dan en als bijvoorbeeld. Of hun en zij. Of dat populaire taalgebruik op social media als me vader en me vrienden.

Presentatie op Radio 1 in de jaren '90 en '00 natuurlijk met zo correct mogelijk taalgebruik!

Presentatie op Radio 1 in de jaren ’90 en ’00 natuurlijk met zo correct mogelijk taalgebruik!

Ook in de sprekende sportjournalistiek worden nog steeds veel taalfouten gemaakt. Waarschijnlijk onbedoeld, als spreektaal, maar toch. Voorbeeld: je kunt nooit met nul-één winnen of verliezen. Je verliest of wint altijd met één-nul. Of je nu uit of thuis speelt. De tussenstand of eindstand daarentegen kan weer wèl nul-één zijn.
Een verslaggever van een clubwebsite gebruikte lange tijd het woord rustverslag. Boeiend, een verslag van de rust! Maar hij bedoelde daarmee het verslag van de eerste helft, dat hij in de rust schreef en online zette!
En wat dacht je van het bij NOS Langs de Lijn te pas en te onpas gebruikte woord einduitslag! Dat was zo’n beetje het stopwoordje van presentator Tom van ’t Hek. Is een uitslag niet altijd al eind?? Net zoals eindresultaat. Resultaat is altijd al eind. Nog eentje: een voetballer kan nooit een doelpunt scoren. De betekenis van het woord scoren is: doelpunt maken. Dus óf je scoort óf je maakt een doelpunt. Luister maar eens naar sportuitzendingen hoe vaak dat fout gebruikt wordt! Ik heb trouwens zelf jarenlang de fout gemaakt door de begrippen linkse en linker door elkaar te halen. Ik sprak in Langs de Lijn altijd over de linkse kant van het veld. Totdat regisseur Ferry de Groot mij daar een keer of wat op wees!

Ik weet, sommige grammaticale fouten zijn geen echte fouten, maar zijn in de loop der jaren verworden tot spreektaal. Maar ik ben van de generatie die nog steeds graag spreekt over ‘een aantal mensen gaat naar de wedstrijd’ in plaats van ‘een aantal mensen gaan naar de wedstrijd’. Een aantal is een enkelvoudig begrip en dus is het gaat in plaats van gaan. Het gaat om het aantal. Niet om de mensen. Er zijn nog steeds collega’s die het woord thans regelmatig gebruiken. Tegenwoordig of nu vind ik minder oubollig! Zo vind ik geschreven ‘de voorzitter heeft meegedeeld’ of ‘hij gaat deelnemen aan de voorronde’ heel mooi. Maar in spreektaal vind ik het not done. Dan is het ‘de voorzitter heeft gezegd’ of ‘hij gaat meedoen aan de voorronde’. Dat is ook mijn tip, die ik altijd aan jonge, beginnende sportverslaggevers meegeef: vertel het simpel, net zoals je het over de rand van de schutting tegen je buurman zou vertellen.

Han Hollander, de vader van het wollig sport-taalgebruik!

Han Hollander, de vader van het wollig sport-taalgebruik!

Dit gaat over correct taalgebruik. Niet over wollig of hyper taalgebruik. Dat mag van mij best in de sportjournalistiek en is ook van alle jaren, van alle generaties. Wat te denken van stoempen, geparkeerd staan, asfalteczeem, aan het elastiek hangen, d’r op en d’r over, een ontsnapping of een treintje opzetten? Tuurlijk dat gaat over wielrennen. Wijlen sportverslaggever Han Hollander was natuurlijk de vader van het wollige taalgebruik: ‘hij schoot het bruine monster door een woud van benen tussen het houtwerk tegen de touwen. En na de thee werden de bordjes verhangen en tapten de gasten uit een ander vaatje’. Zoiets dus!

De gebeurtenissen in Parijs de afgelopen week hebben ons allemaal weer aan het denken gezet over onze vrijheid van meningsuiting. En over onze persvrijheid. Hoe een groot goed dat is. Zeker journalisten moeten altijd kunnen zeggen en schrijven wat ze willen. Satirisch of niet. Kritisch of niet. Zonder dat dat represailles zoals de afgelopen week in Parijs tot gevolg heeft.

Op de perstribune/commentaarpositie in de Kuip in Rotterdam

Op de perstribune/commentaarpositie in de Kuip in Rotterdam

Als sportjournalist heb ook ík de intolerantie van dichtbij ervaren. Ik ben als verslaggever van Langs de Lijn –lopend met mijn koffertje met apparatuur met NOS-logo bij een stadion- regelmatig uitgescholden voor kut-NOS. Of kanker-NOS! Ik ken collega’s die niet meer naar bepaalde stadions gaan, omdat hen een te nadrukkelijke geaardheid voor een andere club wordt verweten. Onzin natuurlijk. Maar ze worden er bedreigd, ze voelen zich er niet veilig. Ze kijken de wedstrijd wel op tv. Thuis of op de redactie. Ook ken ik een collega die steevast van zijn auto het schildje met de naam van zijn autodealer onder zijn gele nummerplaat laat verwijderen, om elk verband met zijn herkomst uit Hilversum te vermijden. Triest dat dat nodig is. Hilversum werkt bij sommige clubs als de bekende rode lap op de even bekende stier. Onvoorstelbaar eigenlijk.

Er is een tijd geweest –in de jaren negentig- , dat ik mij op de perstribune van Feyenoord niet zo veilig voelde. Regelmatig werden verslaggevers daar door supporters op niet mis te verstane wijze geïntimideerd. Als je als radioverslaggever iets té enthousiast reageerde op een goal van de andere partij, was je aan de beurt. Dan was je niet voor hún! Echt, ik heb het aan den lijve meegemaakt. Een neefje van mij is ooit op Schiphol bij vertrek voor ’n vakantie door een Arnhemmer beschimpt omdat hij een N.E.C.-shirtje droeg. Onvoorstelbaar! En, het gebeurt nog stééds.
Als verslaggever voor SuperSport, de voorloper van Sport1, was ik eens op bezoek bij VfL Bochum in Duitsland. Daar heeft mijn Audi het een keer flink moeten ontgelden: ruitenwissers en buitenspiegels bleken na de wedstrijd afgebroken, lak was behoorlijk beschadigd. Er was overheen gelopen. Tja, Duitse auto, maar Nederlands nummerbord, hè?

De perstribune in de Amsterdam Arena.

De perstribune in de Amsterdam Arena.

Ook anno 2015 worden niet alleen bij voetbalstadions nog steeds auto’s vernield, omdat er een mini-shirtje van de verkeerde club aan de raam hangt. En komen supporters in het nauw omdat ze een sjaal van de verkeerde club dragen. Zit je bij een wedstrijd van je club niet in het uitvak, maar gewoon op de eretribune, dan kan juichen bij een goal van jouw club je wel eens duur komen te staan. Het gebeurd zelfs in businessrooms! Het is -anno 2015- te gek voor woorden.

De afgelopen week heeft ons weer eens met de neus op de feiten gedrukt. Vrijheid is in alle opzichten ons grootste goed. Vrijheid van meningsuiting is de hoeksteen van de democratie. Persvrijheid is daar een onmisbare schakel in. Laten we daar zuinig op zijn. Opdat je kunt zeggen wat je wilt. En kunt juichen voor je eigen club. Waar je ook bent. Zonder dat je dat duur komt te staan.

Ik ben opgegroeid met de Top 40. Toen de Top 40 in 1965 begon, was ik 12 jaar. Er was nog geen teletekst, geen internet, we deden het slechts met één televisiezender. Als je al televisie thuis had tenminste. Maar die Top 40 was belangrijk, zeker als je van popmuziek hield. Haal een gedrukt exemplaar, bij je platenhandelaar! 

De gezichten van het gedrukte exemplaar van de Top 40 in de loop der jaren...

De gezichten van het gedrukte exemplaar van de Top 40 in de loop der jaren…

Het was dé radiokreet, die Joost den Draaijer alias Willem van Kooten verzonnen moet hebben. Je kon niet wachten tot het vrijdag was. Dan lag het nieuwe gedrukte exemplaar van de Top 40 bij de grammofoonplatenwinkel. Je wist niet hoe snel je hem moest halen om te weten wie er op één stond en wie de nieuwe binnenkomers of de hoogste stijgers waren. Tuurlijk, nu google je het even. Of je kijkt op de Top 40-app op je smartphone: je krijgt een pushmelding als er een nieuwe nummer één is. Later kwam daar ook nog de tipparade bij. Met de alarmschijf: de grootste kanshebber om hoog in de Top 40 te komen.
In die tijd luisterde je op een transistor-radiootje naar Radio Luxemburg, waar Felix Meurders en Peter Koelewijn de diskjockey’s waren. De ontvangst was buiten zuid-Nederland belabberd: in de buurt van een bliksemafleider was de ontvangst nog het beste. Die fungeerde als extra antenne. Later zat je iedere zaterdagmiddag aan de radio gekluisterd om te luisteren naar de nationale zaterdagmiddag-gebeurtenis: alle veertig platen op een rijtje! Illegal door Radio Veronica uitgezonden vanaf een schip op de Noordzee. Rob Out, Lex Harding en Tom Collins waren de dj’s die de top 40 presenteerden. Het waren m’n helden van die tijd!
De Top 40 ontstond in de jaren dat Amerika maar vooral Groot Brittannië domineren in de wereld van de populaire muziek. De Britse invasie is in Amerika volledig op stoom gekomen. De Beatles waren trendsetter: in april 1964 stonden de Fab Four op de eerste vijf plaatsen van de Amerikaanse hitlijst, iets wat later nooit meer is gebeurd. De Billboard Hot 100 was dé toonaangevende hitparade voor de hele wereld. Een ware vloedgolf aan Britse bands -en artiesten weet in Amerika successen te scoren. Bands als Peter and Gordon, The Dave Clark Five, The Animals, Herman’s Hermits, The Yardbirds, The Kinks, The Zombies, The Hollies, Manfred Mann, Rolling Stones, Freddie & The Dreamers, The Who, The Shadows, The Troggs, Them, Wayne Fontana & The Mindbenders, The Small Faces en de Spencer Davis Group hebben hits. En ook solo-artiesten zoals Lulu, Cliff Richard, Tom Jones en Donovan zijn succesvol. Ook in Nederland domineren Britse artiesten in de top 40. Artiesten als de Beatles, maar ook Procol Harum’s A Whiter Shade Of Pale kwam in 1967 van niets op één binnen. Dat was uniek, zo leek het althans. Want het is in de 50-jarige geschiedenis van de Top 40 toch nog 30 keer voorgekomen dat een track van niets op één binnenkwam. En de laatste decennia niet meer of minder dan in de beginjaren van de hitlijst. Tussen 1968 en 1997 gebeurde het zelfs een periode van 29 jaar helemaal niet. De Beatles (I Feel Fine) waren in 1966 de eerste, Nick Simon (Julia) in 2013 de laatste. Later braken ook Nederlandse acts dankzij de top 40 internationaal door: Golden Earring, Shocking Blue en de George Baker Selection hadden aan de Top 40 een ideale opstap om ook aan de andere kant van de grote plas door te breken.

Vanaf dit schi

Vanaf dit schip, de Norderney, zond Radio Veronica in de jaren 60 en 70 de Top 40 ‘illegaal’ uit…

Nog steed is de Top 40 voor mij een leidraad, ook al omdat ik zo af en toe nog steeds als dj draai en daarom alles bij wil houden. Misschien omdat ik ermee opgegroeid ben, maar ik check ‘m vrijwel elke week. Niet meer bij mijn platenhandelaar, maar op mijn iPhone. Het boekwerk Top40 Hitdossier behoort al jaren tot mijn standaardwerk qua muziek om weetjes op te zoeken. En voor iedere draaiklus download ik toch maar even de nieuwste Top 40 om er zeker van te zijn dat ik alles bij me heb.

Natuurlijk was en is de betrouwbaarheid van de Top 40 altijd een heikel punt. Hoe precies waren de verkoopgegevens van een aantal geselecteerde grammofoonplatenzaken destijds? Hoe groot is de kans op manipuleren? Harde bewijzen voor de mogelijkheid om een goede Top 40-notering of een alarmschijf te kopen zijn er nooit geweest. Nog steeds zijn er discussies over de betrouwbaarheid. Inmiddels wordt de Top 40 langzaam ingehaald door de charts van Beatport en iTunes, die voornamelijk de (digitale) downloads als basis hebben. De kreet de enige echte houdt steeds minder stand. De generaties die met de Top 40 opgroeiden wordt steeds dunner en kleiner. En omdat verkoopcijfers al lang niet meer leidend zijn voor het samenstellen van de lijst, neemt ook het betrouwbaarheidsgehalte af.

I Fee Fine, de eerste nummer één in de Top 40

I Fee Fine, de eerste nummer één in de Top 40

De Nederlandse Top 40 gaat de populariteit van hits vanaf nu meten aan de hand van sociale media. Er wordt gekeken naar resultaten op Twitter, Youtube, Instagram en Facebook. Momenteel wordt de populariteit van hits gemeten op basis van airplay, streaming en muziekonderzoek met behulp van een panel. Daar komt nu dus de meting op social media-gebied bij. Trefwoorden zijn daarbij leidend. Waterdicht is deze meting niet, weet ook de stichting Nederlandse Top 40. En dat is jammer, want het tornt aan de status van het instituut dat de top 40 al vijftig jaar is.

Deze week bestaat de top 40 precies 50 jaar. De Beatles waren op 2 januari met I Feel Fine de eerste nummer één, deze week staat Ed Sheeran aan kop met Thinking Out Loud. Sheeran is van 17 februari 1991, toen de top 40 al 26 jaar bestond en de Beatles al weer uit elkaar waren. Van de Beatles weten we vrijwel zeker dat het in 1965 om de meest verkochte grammfoonplaten ging. Anno 2015 heb ik bij de koppositie van Ed Sheeran echter hele grote vraagtekens.